U bent hier: Home / Over SPEC / Reglement Deskundigenpanel BCP

Reglement Deskundigenpanel BCP

ARTIKEL 1. INLEIDING

  1. De stichting Preventie Expertise Centrum (SPEC) treedt op als beheerder van
    beroepscompetentieprofielen op het gebied van criminaliteitspreventie en brandveiligheid.

    De BCP's worden in hoofdzaak opgesteld om ze toepasbaar te maken binnen certificatieschema's. Hiertoe heeft zij een overeenkomst gesloten met het Centrum voor Criminatiteitspreventie en Veiligheid CCV.
  1. Doel van de door SPEC beheerde BCP's is het inzichtelijk maken van beroepseisen, het minimaliseren van maatschappelijke kosten om aantoonbaar te maken dat een functionaris voldoet aan de gestelde beroepseisen door het inrichten van een register en een basis bieden voor EVC-verklaringen.

  2. Het faciliteren van een centrale toestingscommissie met examencommissies voor de verschillende kennisgebieden.

  3. SPEC treedt niet op als exameninstelling, maar sluit voor het uitvoeren van de examens licentieovereenkomsten af met die instellingen.

  4. Uitgangspunten voor ontwikkeling, beheer en uitvoering van de BCP's is de door Colo ontwikkelde methode voor het opstellen van BCP's.

  5. SPEC kent diverse commissies, panels en werkgroepen waarin belanghebbende partijen kunnen deelnemen.

  6. De opzet SPEC met het deskundigepanel, de central toetsingscommissie, examencommissie en werkgroepen is dusdanig dat SPEC kan voldoen aan de eisen van de examenkamer om als beheerder van BCP's en toezichthouder te worden geaccepteerd.

 

ARTIKEL 2. SAMENSTELLING

  1. De samenstelling van het desklundigenpanel is tenminste gebaseerd op inbreng van bij een belanghebbende partijen, onderverdeeld in werkgeversvertegenwoordigers van de beschreven beroepsgroepen, belanghebbenden bij een conformiteitverklaring, de rijksoverheid, veiligheidsregio’s, de lokale overheid en verzekeringsbedrijven betrokken bij criminaliteitspreventie en brandveiligheid;

Daarnaast kan een commissie desgewenst de inbreng van materiedeskundigen vragen.

  1. Deelnemers worden aangewezen door de relevante koepelorganisaties.Belanghebbende partijen, waarvan deelname aan een commissie is gewenst, worden geïdentificeerd aan de hand van een analyse van belanghebbende en betrokken partijen. Deze analyse is de verantwoordelijkheid van SPEC en wordt periodiek herhaald.

  2. Inbreng in een commissie gebeurt op basis van gelijkwaardigheid, ongeacht de achtergrond van de deelnemers.

  3. Deelnemers aan een commissie dienen te voldoen aan de volgende criteria:

  • Inhoudelijke kennis van het onderwerp waar de commissie bij betrokken is;

  • Inzicht in het betreffende marktgebied en de beschikking over een relevant netwerk.

  • In staat om de belangen van (een deel van) de markt om te zetten naar het gemeenschappelijke inzicht over het gewenste niveau waarop het beroep dient te worden uitgevoerd;

  1. Het voldoen aan de criteria kan worden aangetoond:

  • door een verklaring van de koepelorganisatie, waarin bevestigd en onderbouwd wordt dat aan de criteria voldaan wordt, of

  • door een acceptatie door een bestuursafvaardiging van SPEC, waar mogelijk met onderbouwing door relevante documenten.

  1. Deelname aan een commissie impliceert commitment aan het doel en de rol van SPEC en de door SPEC beheerde BCP's.

  2. Van deelnemers aan een commissie wordt verwacht dat zij:

  • Elkaar informeren over ontwikkelingen in de markt en over aan het werkveld gerelateerde wetgeving;

  • Actieve inbreng hebben in de commissie. Daarbij moeten (neven)functies inzichtelijk zijn; mogelijke belangenconflicten moeten kunnen worden besproken;

  • Vanuit hun netwerk kandidaten kunnen voordragen voor eventuele werkteams.

 

ARTIKEL 3. BENOEMING EN ONTSLAG

  1. SPEC benoemt de leden van de commissie’s, op voorspraak van de betreffende koepelorganisatie. Nieuwe deelnemers kunnen worden voorgedragen op basis van de analyse van draagvlak.

  2. De voorzitter van het deskundigenpanel wordt voorgedragen door de panelleden en goedgekeurd door de Raad van Toezicht. Deze ziet toe op een de juiste toepassing van de procedures en werkafspraken, zodat men kan rekenen op draagvlak bij de deelnemende partijen.

  3. Deelname aan een commissie eindigt door bedanken van de deelnemer, door vertrek bij de organisatie die de deelnemer vertegenwoordigt of door overlijden.

 

ARTIKEL 4. VERANTWOORDELIJKHEDEN EN BEVOEGDHEDEN

  1. Het deskundigenpanel heeft de volgende verantwoordelijkheden:

  • Signaleren en bevestigen van draagvlak voor (nieuwe) BCP’s;

  • Bewaken van de voortgang van het ontwikkelen van BCP’s;

  • Volgen van de werking en effectiviteit van de BCP’s in de praktijk en, waar nodig, doen van voorstellen tot het aanpassen op basis van de ervaring uit de praktijk.

  1. Een commissie heeft de volgende bevoegdheden:

  • Instemmen met nieuwe BCP’s,

  • wijzigingen op BCP’s en

  • beëindiging van bestaande BCP’s

binnen de kaders die door SPEC zijn gesteld;

 

ARTIKEL 5. WERKWIJZE (TAKEN)

  1. Het deskundigenpanel vergadert minimaal twee keer per jaar en verder zo vaak als nodig.

  2. De voorzitter stelt in overleg met de secretaris de agenda voor de vergadering op. De vergaderstukken en de agenda worden tijdig voor de vergadering door het secretariaat verzonden. Het secretariaat draagt er zorg voor dat alle informatie die nodig is voor het goed functioneren van het deskundigenpanel, beschikbaar is voor de deelnemers.

  3. Van elke vergadering wordt een verslag gemaakt. Het verslag geeft in hoofdlijnen weer wat in de vergadering is besproken en is voorzien van een besluitenlijst en een overzicht van actiepunten.

  4. Het verslag wordt toegezonden aan de deelnemers aan het panel en is daarnaast toegankelijk voor het bestuur, de Raad van Toezicht en de Centrale toetsingcommissie.

  5. Distributie van het verslag door deelnemers aan is toegestaan, met de beperking dat:

  • Distributie verbonden is aan overleg met de achterban;

  • Distributie door deze achterban niet is toegestaan;

  • Het verslag op geen enkele andere wijze wordt gepubliceerd.

  1. Deelnemers zijn tot geheimhouding verplicht van alle informatie die hen ter kennis komt en waarvan zij weten dat deze vertrouwelijk is of waarvan zij het vertrouwelijke karakter redelijkerwijs behoren te kennen. Geheimhouding geldt in ieder geval waar het individuele gevallen betreft en informatie afkomstig van de licentienemers die voor de licentienemers onder geheimhouding vallen.

 

ARTIKEL 6. BESLUITVORMING

  1. De bevoegdheden als genoemd in artikel 4 lid 2 vereisen een vorm van besluitvorming.

  2. Passend binnen haar verantwoordelijkheden streeft het deskundigenpanel naar besluitvorming, gebaseerd op consensus tussen de deelnemers die dient te worden verkregen op basis van inhoudelijke en onderbouwde argumenten.

  3. De voorzitter draagt er zorg voor dat alle deelnemers in voldoende mate bijdragen aan de besluitvorming.

  4. Het staat de deelnemers vrij eventuele niet gehonoreerde standpunten met onderbouwing apart te laten vastleggen.

  5. Indien er geen consensus tussen de deelnemers is, wordt er gestemd. Besluiten worden alsdan genomen met een gewone meerderheid van stemmen. Indien het quorum niet aanwezig is wordt het onderwerp opnieuw geagendeerd in een volgende bijeenkomst of wordt een schriftelijke stemronde gehouden.

  6. Bij besluiten over een BCP dient aantoonbaar te worden gemaakt dat:

  • Door een eventueel werkteam aan de opdracht is voldaan;

  • Bij de ontwikkeling of uitwerking van de aanpassingen de licentienemers betrokken zijn geweest;

  • De eventuele verwijzing vanuit een certificatieschema naar het BCP niet in het geding komt.

 

ARTIKEL 7. WERKTEAMS

  1. Werkteams worden ingesteld door het deskundigen voor (door)ontwikkeling van BCP’s. Deze teams kunnen projectmatig werken of een permanent karakter kennen.

  2. Een werkteam wordt bij voorkeur samengesteld vanuit de netwerken van de deelnemers aan het deskundigenpanel.

  3. De beheerder draagt zorg voor het faciliteren van de werkteams.

 

ARTIKEL 8. SLOTBEPALINGEN

  1. Dit reglement is, na overleg met het voorlopige panel vastgesteld.

  2. Wijzigingen van dit reglement zijn mogelijk na behandeling in en na instemming van het deskundigenpanel door minimaal driekwart van de aanwezige deelnemers.

  3. In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de Raad van Toezicht.

Document acties